doorgaatervoor.punt.nl
Laatste artikelen

Maandag begint het eindexamen. Vandaag zei iemand tegen me: ‘goh, dan heb je straks een zoon op de universiteit, een zoon op de middelbare én een zoon op de basisschool’. Ja, daar had ik nog niet bij stilgestaan. Ik word meegezogen in alles wat deze grote veranderingen in het leven van mijn zonen met zich meebrengt. Want u kunt wel zeggen dat het allemaal goed komt, en dat zal ook vast, maar ik vind het toch wel een momentje als er ééntje uitvliegt.

Oudste stapt redelijk relaxed het eindexamen in. Hij heeft gestudeerd tot hij scheel zag. Hij staat er redelijk goed voor. Als alles normaal verloopt en hij niets verknalt, zou hij moeten slagen.

Middelste maakt zich enorm druk over het nog aan te schaffen mobieltje. De rugzak van het goede merk is inmiddels gekocht, dus dat ei is gelegd.
Ik herinner me nog goed van oudste dat hij dat ook enorm belangrijk vond.
Grappig dat ze allebei een tas met print hebben gekozen en niet de geijkte zwarte variant, die bijna iedereen heeft.
Over het mobieltje wordt druk overleg gevoerd en vooral onderhandeld. Ik voel veel voor een abonnement waarbij je een plafond kunt instellen, zo kom je nooit voor verrassingen te staan. Tenslotte zit die rekening van honderden euro’s, zes jaar geleden, van oudste me nog vers in het geheugen.

Jongste ziet het allemaal maar aan. De middelbare, de universiteit, het is zijn voorland. Wel handig als je dat een beetje bij je broers kunt afkijken. Vooralsnog maakt hij zich druk over het kamp, volgend jaar in groep 8. Traditiegetrouw spelen ze daar ’s avonds een ‘moordspel’ in het bos. Jongste heeft nu al gevraagd of hij dan binnen mag blijven. We hebben het over juni 2104 hè mensen. Je zult maar angst voor donker hebben.

En wij? Wij kijken op websites van kamerverhuurders, sturen mailtjes met allerlei vragen en hebben zelf ook een advertentie op het web geslingerd. Intussen denk ik af en toe terug aan de tijd dat ik zelf op kamers ging wonen. Ik was ook zeventien en met mij is het ook goed gekomen. Is toch een hele geruststelling.









Reacties (13)

Bij de voetbal zijn wij gewend dat alles via het fair play principe gaat. De scheidsrechter en de grensrechter zien er nauw op toe dat iedereen zich gedraagt zoals het hoort en dat de regels worden nageleefd.

Tegenwoordig zit ik elke woensdagmiddag op de tennisbaan langs de kant. Jongste speelt in de regionale jeugdcompetitie en daarom crossen we van Losser en Haaksbergen, naar Goor, Denekamp en Lonneker. Tot op heden zit ik iedere woensdag prinsheerlijk in het zonnetje dus ik vind het niet bepaald een straf. Bovendien speelt hij samen met zijn vriendje, de zoon van vriendin, dus dat is altijd gezellig. Buiten dat, is tennis ook mijn sport, dus mij hoor je niet klagen.

Wat me dan wel opvalt, is dat het nu al een paar keer is voorgekomen dat niet alle kinderen eerlijk spelen. Vooral als ze achter staan, geven ze ballen uit waarvan ik zelfs vanaf het terras kan zijn dat ze in zijn. Mijn gevoel voor rechtvaardigheid begint dan op te spelen en het liefst zou ik zo’n kind dan even zeggen dat het wel eerlijk moet spelen. Dat je soms moet accepteren dat een ander beter is. Dat hoort bij competitie, bij een wedstrijd. Dat gaat om winnen en verliezen en beiden zijn belangrijk voor je. Maar ja, ik hoef zo’n kind natuurlijk niet op te voeden.
Soms kijkt mijn zoontje mij vragend aan als zo’n tegenstander weer oneerlijk doet. Hij is wel assertief genoeg om wat te zeggen, maar hij wil geen ruzie maken op de tennisbaan. Meestal geeft hij dan gewoon toe. Ik ben het daar wel mee eens, liever zo, dan dat hij tekeer zou gaan, maar toch steekt het me af en toe dat hij zichzelf daarmee tekort doet. Zijn vredelievende karakter maakt dat hij dan zijn schouders ophaalt en denkt ‘laat maar gaan’. Natuurlijk, het is ook maar een spelletje, maar als je dan toch serieus tennist, moet je er ook zo mee omgaan in mijn opinie.

Gek genoeg zijn het tot nu toe elke keer meisjes die zo vinnig reageren. Ik, met mijn ideaalbeeld van meisjes, moest daar toch even van knipperen. Zo was er laatst een grietje dat continu heel hard ‘game!’ schreeuwde als ze had gewonnen of ‘matchpoint!’. Het wicht stond al met 6-0 voor, dus het was gewoon niet zo sympathiek richting de tegenstander. Haar vader gaf continu aanwijzingen vanaf het bankje. Bovendien had ze een air van hier tot Tokio en zo’n Paris Hilton zonnebril op haar tienjarige neus. Ik knipperde nog maar eens en lurkte van mijn koffie en checkte mijn teint.

Reacties (8)

Ik had gehoopt hier verslag te kunnen doen van ons verblijf in de Provence. Vorige week reden wij maar liefst 1100 km om toch vooral nog even te kunnen genieten van wat zonnestralen, een zwembadje, eten op een terrasje en zulks. Toen we bijna op de plaats van bestemming waren, kregen we een melding via ons navigatiesysteem voor gladheid. De temperatuur was gedaald naar vier graden en het sneeuwde. Echt waar mensen! Ik ging op meivakantie en ik waande me op wintersport.

Hoe blij was ik, dat ik nog snel de warme jassen van de jongens in de auto had gegooid en mijn eigen lange laarzen in de schoenentas had gedeponeerd! De regen striemde in onze gezichten, toen we de deur van ons verblijf openmaakte. Een koud chalet, want we waren de eerste bewoners van het seizoen. Ik zette de mini verwarming op ‘max’ en maakte gauw warme koffie. Toen de koffie net doorgelopen was, viel de stroom uit.

Lief en ik keken elkaar aan. Ik wilde niet meteen gaan klagen en zeiken, maar het was eerlijk gezegd wel wat ik het liefste wilde. Omwille van de jongens trokken we een grimas en beloofden om ’s avonds ergens lekker te gaan eten. Ergens waar het warm is, voegde ik er in gedachten aan toe. Het licht floepte weer aan en we keken eens naar buiten. De regen kwam met bakken naar beneden.

De volgende dag was de temperatuur weliswaar naar 8 graden opgelopen (Hoezee!), maar de regen kwam nog steeds met bakken uit de lucht. Rillend in mijn zomerjasje, maar gelukkig wel met mijn warme laarzen aan, vertrokken we naar Orange. Een mooie stad, maar in de regen toch wat troosteloos. Na warme koffie en chocolademelk in een typisch Frans café, reden we de route door de Gorges d’Ardèche. Prachtig! Af en toe renden we uit de auto met onze paraplu om een foto te maken.

De dag erna zagen we Avignon, waar we uiteraard even naar het pauselijk paleis gingen en naar de beroemde brug. Ook Nimes bleek een prachtige, oude stad. We bezochten er het colosseum en deden de audio rondleiding. Zo bleven we toch weer twee uurtjes droog!

Voor woensdag stond het Aerodrome van Montélimar op het programma. Dit is grotendeels buiten. Aangezien het wederom hoosde van de regen, besloten we om de 1100 km naar huis te aanvaarden. We genoten van onze overnachting in een geweldig hotel in Trier, aten er ’s avonds een heerlijk diner en reden de volgende dag naar Oberhausen.

Nog nooit was ik in het shopwalhalla Centro geweest, dus dat moest er maar eens van komen. We shopten nog wat, dronken koffie bij de Starbucks en gingen toen lekker naar ons warme huis. De volgende dag begon in Nederland de zomer.

Als kers op de taart kregen we van de camping een mailtje dat ze bijna honderd euro van onze creditcard zouden inhouden, omdat het huisje niet schoon was achtergelaten. Terwijl ik u kan verzekeren dat de plee blonk en de badkamer glom.











Reacties (14)

WE-300 van Plato, met als thema: Oplossing
Het woord mag niet in de tekst voorkomen en het verhaal moet exact 300 woorden bevatten.

Anna keek in de spiegel. Een moe en wit gelaat. Verbeeldde ze het zich, of zag ze daar werkelijk de eerste rimpels? Een diepe zucht ontsnapte aan haar lippen. De laatste maanden begonnen hun tol te eisen. De schulden die zich opstapelden, het harde werken ten spijt.

Hoe Eduardo zomaar had besloten om hun relatie te beëindigen, dat begreep ze nog steeds niet. Hij liet haar achter in de grote haciënda, die ze samen hadden gekocht. Zonder enige blijk van schuldgevoel of andere emotie, was hij op zijn paard weggereden. Haar in verbijstering achterlatend. Sinds die vrijdagavond had ze niets meer van hem vernomen. Het leek of hij van de aardbodem was verdwenen.

Ze nam een bad met rozenolie. Vanavond zou het roer om gaan. Met haar lange, zwarte haren opgestoken en gekleed in een jurk die haar figuur fantastisch deed uitkomen, verliet ze het huis. Een lichte make-up verhulde de kringen onder haar ogen en de vuurrode lippenstift deed haar gezicht oplichten.

Vele mannenogen waren op haar gericht toen ze het restaurant betrad. Ze nam plaats aan een tafeltje en bestelde een glas rode wijn. Het duurde niet lang of Miguel Dos Santos kwam naar haar toe. Ze wist dat hij hier zou zijn. De steenrijke eigenaar van de ranch aan de rand van het dorp had nooit een geheim gemaakt van zijn bewondering voor haar. Omdat ze geloofde in de liefde van Eduardo had ze hem nooit een kans gegeven. Nu schonk ze hem haar mooiste lach. Hij kuste haar in haar nek. De charmeur.
Haar plan werkte; binnen een maand waren haar schulden afbetaald en de maand erna verwachtte Anna haar eerste kind.






Reacties (16)

WE-300 van Plato, met als thema: Vieren
Het woord mag niet in de tekst voorkomen en het verhaal moet exact 300 woorden bevatten.

De tijd is omgevlogen. Het kleine, blonde jongetje dat altijd zo heerlijk op het strand speelde, is uitgegroeid tot een boomlange kerel. De blonde steile haartjes hebben plaatsgemaakt voor donkere krullen. Een mooie jongen om te zien, hij kan zo als model aan de slag.
Hij heeft zich ontwikkeld tot een sociaal persoon; traint twee keer per week een elftal enthousiaste voetballertjes en coacht op zaterdag datzelfde team. Na de voetballerij begint hij aan zijn zaterdagse bijbaan bij de buurtsuper.
Aan het einde van de zaterdag gunt hij zich nauwelijks tijd om een douche te nemen, dan is het tijd voor zijn vriendin, met wie hij al meer dan drie jaar samen is of wordt er gestapt met de vriendenclub.
Als kind leerde hij gemakkelijk, ging zelfs versneld door de basisschool. Op het VWO was het even een ‘aha’ momentje, toen hij erachter kwam dat er nu toch écht wel wat gedaan moest worden. Het leverde af en toe discussies op over het stellen van prioriteiten. Meestal met mij.
Het schooljaar begon met een voorlichting voor de ouders. ‘Het examenjaar; het laatste jaar op dit lyceum voor uw zoon of dochter’ galmde de stem van de decaan door de aula.
Ik realiseerde mij ineens dat er een nieuw tijdperk zou aanbreken. Een tijdperk van een zelfstandige zoon, die op kamers gaat wonen.
De laatste weken voor het examen zijn aangebroken. Alle schoolexamens zijn gemaakt en de cijfers zijn binnen. Prima cijfers; hij kan met een gerust hart beginnen aan het Centraal Schriftelijk Eindexamen.
Ik kijk alvast in mijn favoriete winkel naar een geschikt jurkje. Want dat we een feestje hebben deze zomer, dat lijkt steeds aannemelijker.










Reacties (10)

Menschen, ik moet u nodig berichten over hoe het allemaal was. Want ik was in Italië, weet u nog? Ik ben inmiddels alweer een week terug, de tijd vliegt. De reis verliep als een tierelier, alleen het laatste stukje was eh.. wat minder. De mist daalde neer tussen de bergen, de regen sloeg tegen onze voorruit en het daglicht werd ingeruild voor het donkerste donker dat er maar zijn kan.
De brede snelweg ging over in smalle bergweggetjes met meer haarspeldbochten dan ik op de weg naar Andorra had meegemaakt. Visualiseert u zich mijn lief, normaal een opgewekt en nimmer klagend manspersoon, die doodmoe met meer dan 1000 km op de dagteller, zich afvroeg hoe hoog dat ‘schattige hotelletje in de bergen’ van zijn vrouw zou zijn.

De bewegwijzering hield op en rechts naast het ravijn was een stuk uit de vangrail gereden. Ik slikte maar eens. Ineens was daar een steile weg naar boven aan de linker kant van de weg. Iets te laat zagen we dat, waardoor er niets anders op zat dan op de smalle bergweg te keren. Afijn, uiteindelijk kwam het allemaal goed en werden we beloond met een inderdaad schattig hotel met geweldig gastvrije eigenaren. Pfieuw.

Op zaterdag speelde ons team hun eerste wedstrijd in Mori, een plaatsje vlakbij Rovereto. Op de parkeerplaats zagen we de spelersbus van de voetbalacademie van AC Milan al staan.  De regen kwam nog steeds onverminderd naar beneden, waardoor het veld meer op een zwembad leek dan op een voetbalveld.
Onze jongens lieten zich daar niet door ontmoedigen en speelden een geweldige wedstrijd tegen een Italiaanse club. Helaas viel mijn zoon keihard op de harde ondergrond, toen hij onderuit gehaald werd door een Italiaantje. Hij had het zelf niet eens in de gaten, kermde even van pijn, stond op en speelde verder.
Even later kleurde zijn witte broekje rood van het bloed. De tweede wedstrijd, tegen Albanië, zat hij in de dug out met een ingetapet en gezwachteld been. Balen to the max natuurlijk.

Gelukkig was de verzorging dermate goed, dat zoon de volgende dag weer opgesteld stond. De zon scheen, de lucht was blauw en eindelijk had ik het gevoel echt in Italië te zijn.
De boys van AC Milan hadden niet verwacht dat het team uit Hengelo zo sterk was. Daarom probeerden ze ons onzeker te maken (of was dat het niet?) door te beweren dat de bal niet goed was. Het spel werd neergelegd en in rap Italiaans werd er overlegd. Wij nuchtere Tukkers haalden onze schouders op, verruilden de bal voor een andere en speelden doodgemoedereerd verder. Het duel eindigde in gelijkspel. Als wij de volgende wedstrijd zouden winnen, zouden we op doelsaldo doorgaan in de poule. En dat deden we!

Zondagavond, toen de stralende zon weer keihard was ingeruild voor stromende regen, stelden we ons op in het stadion van Rovereto. Onze jongens stonden in de finale. De finale, mensen! De tribune zat bomvol met allerlei nationaliteiten. De Italianen voerden de boventoon (letterlijk), maar toen ons team het veld op liep en het Wilhelmus werd gespeeld, was iedereen stil. Onze ogen werden vochtig. Je zoon te zien staan, hand in hand met zijn teamgenoten, in een groot Italiaans stadion en dan het Wilhelmus horen, dat is meer dan mijn moederhart kan verdragen.

De finale was er eentje om vooral niet in te lijsten. Een veld wat volledig verwoest was door de regen, met een hier en daar kuilen waarin wel 7 cm water stond. Het was niet te doen. De Italianen van Mezzo Corona waren fysiek sterker dan onze jongens, en hoewel wij technisch beter speelden, verloren we op kracht. Maar hé, tweede worden op een internationaal toernooi als je twaalf jaar bent, is cool enough.

 











Reacties (5)

Het is gekkenwerk hier. Ik race van de ene afspraak naar de andere. In de wetenschap dat ik tijdens de paasdagen heerlijk in het Italiaanse zonnetje zou zitten, was het vol te houden. Middelste speelt immers mee in een internationaal toernooi in de Dolomieten.
Wij, als trouwe supporters, aarzelden geen moment en besloten om 2000 km voor die paar dagen af te leggen.
Ik mailde de groep ouders wie er zin had om mee te gaan en uiteindelijk gaan we met 11 supporters (ook nog een paar broertjes/zusjes) richting Rovereto.
Ik vond een idyllisch hotelletje met uitzicht op de bergen met heel verantwoorde kamers van duurzaam hout of zoiets. Weet ik veel. Het klonk goed, de prijs was prima dus boekte ik een aantal kamers met ontbijt. Is vast met eitjes van vrije uitloopkippen en ham van scharrelvarkens.

Afijn, ik verheug me dus al tijden op dat zonnetje en wat warme zonnestralen op mijn huid. Zon is goed voor mij, weet ik uit ervaring. Ik zag op weeronline dat het al 18 graden daar is ’s middags. Natuurlijk deelde ik die fijne informatie onmiddellijk met iedereen.

Maar eh… hoe zal ik het zeggen. Er is iets niet helemaal goed gegaan. Het is zeer zeker 18 graden in Rovereto. Maar laat ik er nou gisterenavond achterkomen dat er maar liefst zeven Rovereto’s zijn in Italië! Wat een fantasieloze lui, die Italianen. Wie geeft er nu zeven plaatsen dezelfde naam!

Nu blijkt dus dat ‘mijn’ Rovereto helemaal niet schittert in het zonnetje. Het is zelfs zó erg, dat het daar kouder is dan hier tijdens Pasen. Iets met min vijf. Min vijf, mensen!
Ik voel mij een beetje beetgenomen.

Samengevat rijd ik dus 2000 kilometer om twee dagen naar voetbal te kunnen kijken bij min vijf graden. Als ik die zin nog een keer lees, moet ik er bijna van huilen.

Maar ik denk dat ik heel blij ga worden van biologisch paasbrood met vrije uitloopeieren en verantwoorde sinaasappelsap bij het ontbijt. In de Dolomieten. Dat dan weer wel.

Reacties (20)

De zoon kwam luidruchtig de keuken binnenvallen en showde mij zijn rijbewijs. Vers opgehaald bij het gemeentehuis. Ik zei dat ik het geweldig vond en ging verder met het uitzoeken van een recept voor die avond.
Natuurlijk wilde de zoon in kwestie niets anders dan rijden. In mijn auto.
Helaas moet ik nog een half jaar naast hem zitten, dus als hij wil rijden, dan…
U snapt het al. Ik moest mee, ook al had ik daar echt even geen ene bal zin in.
Om dan toch maar het nuttige met het (voor hem) aangename te verenigen, stelde ik voor om naar de stad te rijden en een pak voor hem te kopen.
Een pak als in: kostuum. Het jong heeft namelijk binnen niet al te lange tijd een gala.
Ik moet u zeggen dat het wel een dingetje is om a. een zoon te hebben die gewoon in jouw auto rijdt, en b. een zoon te hebben die niet langer een schattig tuinbroekje draagt, maar een tweedelig kostuum met vlinderstrik. Gelukkig heeft ie nog wel jeugdpuistjes.

Afijn, hij reed de oprit af en ik zette me schrap. Van te voren had ik mij voorgenomen om niet teveel commentaar te leveren, maar na honderd meter besefte ik dat ik mij daar niet aan ging houden. Uiteindelijk kwamen we tot stilstand voor een stoplicht op een grote, drukke kruising. Het zweet parelde op mijn voorhoofd. Het stoplicht sprong op groen en de auto sloeg af. Kan gebeuren natuurlijk. De zoon werd er een beetje paniekerig van en draaide vervolgens vijf keer de sleutel om en weer terug, terwijl ik er doorheen schreeuwde dat ie dat niet moest doen. Er gingen wat lampjes branden. Geen feestverlichting kan ik u vertellen.
Lang verhaal kort: we belden de garage en die beloofden ons weg te komen slepen. We belden de garage na tien minuten nog een keer om te zeggen dat het niet meer nodig was.

Op de terugweg waren we allebei chagrijnig en zeiden niet veel. Eenmaal thuis keken we elkaar aan en moesten toen heel hard lachen. ‘Nou mag ik zeker niet meer in je auto rijden?’ vroeg hij. Eerlijk gezegd wilde ik volmondig ‘inderdaad’ zeggen. Maar ik bedacht me, het kon immers ook handig zijn. Vanmiddag vroeg ik poeslief of hij misschien een stukje wilde rijden. Zijn gezicht lichtte op en binnen tien minuten tuften we weg. Naar de AH. Kon hij mooi even helpen met de wekelijkse boodschappen.











Reacties (21)

WE-300 van Plato, met als thema: Stamelen
Het woord mag niet in de tekst voorkomen en het verhaal moet exact 300 woorden bevatten.

Zoals iedere dag, pakte ze de glazen kan en liet hem vollopen met water. Exact een liter. Ze keek hoe de keukenweegschaal twee gram aangaf, toen ze het zout erop legde. Niet zomaar zout, het kwam uit de Himalaya. Het bevatte mineralen en sporenelementen naast het natriumchloride. Daarna goot ze het sap van de uitgeperste sinaasappelen erbij en mixte het geheel. Alles luisterde nauw, haar trainer was een pietje precies. Deze zelfgemaakte sportdrank, hij zweerde erbij.

Deze week stond de Davis Cup op het programma. Een duel dat gespeeld wordt op hardcourt. Het volgende toernooi zou weer op gravel plaatsvinden. In haar tenniscarrière was ze gewend geraakt te schakelen tussen de diverse ondergronden.

Haar trainer was knap, maar streng. Altijd had ze een weerwoord en ze liet zich geen dingen aanpraten waar ze niet achter stond. De komende wedstrijden waren belangrijk, een overwinning zou promotie kunnen betekenen. Iedere dag stond ze uren op de baan, deed trouw haar krachtoefeningen in de sportschool, ging op tijd naar bed en at gezond.

Het was matchday. Ze ontmoette de ballenkinderen en deelde handtekeningen uit. Het stadion zinderde. Ze dacht aan de sms’jes van Federer en Nadal en glimlachte. Zelfverzekerd liep ze de baan op en richtte haar blik op haar Roemeense tegenstander.

Haar eerste service zorgde meteen voor applaus. De Roemeense maakte fouten en schrok van haar aces.  Ze zat goed in de wedstrijd, voelde dat het erin zat vandaag. Ze won glansrijk. Door naar de play-offs voor promotie naar de Wereldgroep!

Haar trainer tilde haar hoog op en terwijl hij normaal tegen haar schreeuwde en bevelen uitdeelde, keek hij haar liefdevol aan en haperde: ‘Trouw.. met .. me’.









Reacties (23)

Dit weekend had ik even tijd om te zitten. Dat was er de hele week nog niet van gekomen. Nou ja, op mijn werk dan, maar het schijnt niet de bedoeling te zijn dat ik daar achterover hang met een kop cappuccino. Er is niet eens cappuccino. Wel gewone ‘zetkoffie’, maar dan hangt het er maar net vanaf welke collega die gezet heeft, of het te pruimen is.

Enfin, ik zat dus en bedacht me opeens dat ik dit weblog ook nog heb! Mensen, was ik dat toch in alle hectiek bijna vergeten. Sorry hoor, als u hier tevergeefs een kijkje hebt genomen, op zoek naar nieuw leesvoer.
Iemand merkte al op dat de vrijmibo uit het vorige logje al een week duurde!

Het was een beetje een drukke toestand hier. Er waren doktersbezoeken waarover ik moest nadenken, er was een CITO uitslag (met bijbehorend blij kind), er waren fysio- en orthodontistafspraken (met bijbehorend beduidend minder blij kind), er was een zieke collega die bezocht moest worden, er belde een leerkracht of ik mijn zieke zoon wilde ophalen. Er waren voetbaltrainingen en voetbalwedstrijden, een zoon die zomaar zijn rijbewijs haalde en waarvoor ik dus een taart ging bakken. Er lag een reisgids met een aantrekkelijke aanbieding naar me te lonken.
Kortom, wie maalde er om dit weblog?

Dan is er nog de kwestie van het clubblad van mijn tennisclub. In een enthousiaste bui riep ik dat ik wel in de redactie wilde. Bleek dat de redactie uit twee leden bestond en dat mijn aanbod uit de hemel kwam vallen, omdat er juist eentje het stokje wilde overdragen.
Heb ik weer. Het is dus niet dat ik niet schrijf hè? Alleen u ziet het niet. Ik schrijf aan de tennissport gerelateerde stukjes en ga me binnenkort verdiepen in de opmaak van het geheel. Niet gehinderd door enige kennis hierover overigens. Komt vast goed.

Dus mocht u zich afvragen of ik onder een steen lig, dan bent u hierbij gerustgesteld.









Reacties (9)