doorgaatervoor.punt.nl
Abonneren
Abonneer je nu voor nieuwe artikelen in deze categorie!
Abonneren
Abonneer je nu voor nieuwe artikelen op deze website!
Laatste reacties

  

 

Afgelopen week stond ik in contact met de dierenambulance, de dierenpolitie, waarvan ik geen weet had van het bestaan ervan, de gewone politie en tenslotte met de wijkagent. Vanwege schoolpleinterreur.

De laatste weken wordt onze school bezocht door een tamme kraai. In eerste instantie was dat geinig; zo’n vogel die zomaar op iemands arm ging zitten of op een kinderfietsje voor het lokaal. Het beest werd echter steeds vrijer; hij vloog laag over het schoolplein, zat bij kinderen op het hoofd en joeg zo menigeen de stuipen op het lijf. Het dier schijnt tam gemaakt te zijn door iemand en blijkbaar is hij ontsnapt. Of misschien was de kraaientemmer hem wel zat. De hele wijk heeft het erover. Er zijn nogal wat basisscholen, peuterspeelzalen en kinderdagverblijven in de buurt. Maar ook oudjes vinden het eng, zo’n fladderend zwart beest ineens op hun grijze knar. Je zou er bijna van uit je scootmobiel vallen.

De dierenambulance wist van het probleem, er waren meerdere meldingen van gemaakt. Ze rukken hier echter niet voor uit. We moesten zelf maar de vogel zien te vangen en dan wilden ze hem wel ophalen. Bijna was dat gelukt, maar ja, de vogel was hem ineens weer gevlogen. Je zou bijna denken dat hij dan zit te lachen op een tak hoog in de boom, terwijl hij beneden mensen met doeken en dozen ziet panieken.

Ten einde raad belden we nóg maar een keer naar de dierenambulance, er waren immers juffen die liever niet meer naar de sporthal wandelden, ze vonden het doodeng.
Wederom hetzelfde verhaal, maar dit keer drong ik aan. ‘We hebben er ook het materiaal niet voor’ wierp de dame tegen. ‘Jawel, dat hebben jullie wel’ deed ik eigenwijs. Ze zijn immers al twee keer bij mij thuis geweest; voor een pauw die niet meer uit mijn achtertuin wilde en voor een vogel die in de slaapkamer bleef vliegen (en schijten). Ze was echter onvermurwbaar, opperde zelfs dat hij dan misschien maar neergeschoten moest worden. Mijn bek viel open.
Ik werd doorverwezen naar de dierenpolitie. Ik deed weer mijn verhaal. Er werd begripvol gereageerd maar ze zouden niet komen, er was immers geen sprake van dierenleed. Ik werd doorverbonden met de gewone politie en vervolgens met de wijkagent. Die vonden dat de dierenambulance gewoon moest helpen het probleem op te lossen. En toen was de cirkel weer rond. Ik werd er een beetje moe van. Misschien moet ik toch maar net doen of het beest zal worden neergeschoten, dan is er immers wel sprake van dierenleed?

Ik kan ook Anouk eens bellen, hoe zij die birds van de rooftops liet vallen.

 

Reacties (10)

Sinds ik twee banen heb, ben ik natuurlijk heel druk. Niet alleen met het werk zelf, maar ook met onthouden. Ik moet ineens van nóg eens 30 collega’s onthouden hoe ze heten, voor welke groep ze staan, of ze aan het begin of juist aan het einde van de week werken (want: bijna allemaal parttimers in het onderwijs). Verder krijg ik nu twee keer zoveel mail, moet ik nog meer wachtwoorden onthouden en moet ik niet vergeten om de telefoon op te nemen met de juiste schoolnaam. Grappig is dat mensen aan de andere kant van de lijn soms ook in verwarring zijn. Zo belde vorige week iemand van het bestuur van de stichting waaronder beide scholen vallen. Hij verontschuldigde zich omdat hij dacht dat hij de verkeerde school had gebeld.

Buiten dat het gewoon heel leuk is om ineens zoveel mensen te leren kennen, is het ook confronterend. Op beide scholen is het gebruikelijk dat in de (vertrouwelijke) personeelsmail naast mededelingen betreffende de school of de gang van zaken, ook persoonlijke dingen worden gemeld. Dat is niet altijd het blije babynieuws of de nadere jubilea, maar ook langdurige ziekte, echtscheidingen, overlijden van naaste familie of enge operaties.

Op mijn eigen school probeer ik altijd een attente collega te zijn. Een kaartje, bloemetje of mailtje. Er zijn tijden dat ik daar wekelijks mee bezig ben. Daarom heb ik me voorgenomen om op ‘de andere school’ wel te reageren, maar alleen met een mailtje of mondeling als ik de betreffende collega zie. Het is too much!
Noem het flauw of zelfs asociaal, het zij zo. Ik heb daarin voor mijzelf een keuze gemaakt. Tenslotte ben ik eigenlijk te gast op die school, al word ik behandeld alsof ik er al jaren werk.

Een ander besluit dat ik heb genomen: ik doe wel mee met de tweede kerstborrel en het tweede teamuitstapje. Dus.



 





Reacties (8)

Aan de vooravond van de zomervakantie legde mijn directeur het verzoek neer of ik wilde invallen op een andere basisschool binnen onze stichting. De dame die daar de administratie doet, is voor langere tijd uit de running. De schooldirecteur daar zat zo ongeveer met zijn handen in het haar en zag het niet zitten om het nieuwe schooljaar te moeten beginnen zonder ondersteuning. Ik zegde toe twee dagdelen per week te komen helpen. Dat ik daarmee mijn eigen plan om voortaan twee vrije dagen per week te hebben, in één zin om zeep hielp, was wel een beetje jammer, maar ja.

Ik kende alleen het gebouw; mooi, oud, stijlvol. Het schijnt zelfs op de monumentenlijst te staan. De school is gebouwd in 1930 als katholieke jongensschool. Een jaar later splitste de school zich in een jongens- en een meisjesschool.

Hoewel er onlangs een flinke renovatie plaatsvond, is er gelukkig nog wel wat van de oude sfeer bewaard gebleven, zoals de tegeltjes in de hal en de originele deuren met glas bovenin. Het mooiste vind ik denk ik het binnenplein. Lekker kneuterig, zo’n klein overzichtelijk pleintje. Je verwacht bijna dat ze er nog met houten hoepels spelen.



Niet alleen het gebouw staat in scherp contrast met wat ik gewend ben op mijn eigen moderne school, ook de populatie is heel anders, logisch als je kijkt naar de wijk waarin de school staat. Ik voerde vandaag wat inschrijfformulieren in, en in plaats van Pepijn en Anne-Sophie, typte ik Achmed en Ali.
Komt bij ons bijna alleen maar het katholieke geloof of, steeds vaker geen geloof op het formulier voor, hier vulde ik boeddhisme en islam in.

In de pauze ging de telefoon en ik nam op alsof ik al jaren op die school werk. Een moeder vertelde me dat haar dochter ‘alweer iets had meegenomen wat niet van haar was’. Dat deed ze wel vaker, vertelde ze mij zonder omhaal. ‘Maar het stepje komt maandag terug hoor!’. Ik beloofde het aan de betreffende juf door te geven. Stiekem moest ik grinniken.

Er lag een lieve kaart op mijn bureau klaar, er werd bij binnenkomst meteen koffie voor me gehaald en ik hoorde van wel tien van de nieuwe collega’s hoe blij ze waren dat ik kwam helpen. Ik denk dat ik maandag wel weer fluitend terug ga. Misschien toch even de app met 100% Turks downloaden:).

 







Reacties (14)

De dag begon zoals bijna alle weekdagen hier; ik fietste om acht uur naar school, deed mijn werk en er gebeurde niets bijzonders. Het is een rustig weekje op school, want de onderbouw heeft nog vrij. Met het in aanbouw zijnde kinderdagverblijf binnen de school, was het niet zo stil als anders. Mijn collega en ik volgden met opgetrokken wenkbrauwen het kamertje waar de bedjes voor de kleintjes werden opgebouwd. Boven en naast elkaar staan de spijlenbedjes, zodat het net kooitjes lijken. Ik ben een watje, maar ik vind het geen gezellige aanblik.

Tussen de middag werd er een leerling binnengebracht. Haar witte gezichtje was vertrokken van pijn en een traan biggelde over haar wang. De club vriendinnetjes vertelden opgewonden en allemaal door elkaar heen het verhaal. Ze was gevallen en ongelukkig terecht gekomen op haar pols.
Toevallig kwam een BHV collega voorbij en ik vroeg om raad. Het leek goed om naar de huisarts te gaan. Gelukkig zit de praktijk honderd meter van school. De ouders waren niet te bereiken, dus stapte ik op mijn fiets met het meisje achterop.

‘Vind je het goed dat ik even met je meega?’ vroeg ik haar. Dat vond ze meer dan prima. Ze kletste gezellig op de fiets. Met een verwijzing voor de röntgen, fietsten we even later door naar mijn huis om de auto te halen. In het ziekenhuis begon het lange wachten. Ik leidde haar af door samen spelletjes te doen op mijn telefoon.

Na een uitgebreide fotosessie van beide handen, mochten we door naar de SEH, voor een second opinion van een andere arts. Ik prees haar omdat ze zich zo flink hield. Ik bedoel, het kind had pijn, was zonder haar ouders en we waren al twee uur in het ziekenhuis. Stiekem was het ook een beetje gezellig. We babbelden over haar tennislessen, het hondje wat ze misschien deze zomer zou krijgen en haar tweelingzusje.

Aan het einde van de middag wisten we nog niet wat er gedaan zou worden, maar was haar moeder inmiddels gearriveerd. Ik deed een soort van overdracht en vroeg of ze me wilde bellen, want ik was toch wel benieuwd hoe het zou aflopen. ‘Het zou me niets verbazen of ze krijgt een gipsspalkje voor een dag of tien’ zei ik tegen haar moeder. Ik ben dan wel geen medicus, maar wel ervaringsdeskundige natuurlijk. Om vijf uur belde moeder om te vertellen dat ze een gipsspalkje voor tien dagen had gekregen. Misschien moet ik eens solliciteren in dat ziekenhuis.

’s Avonds was het tijd om naar de presentatie van het profielwerkstuk van oudste te luisteren. We namen plaats in het lokaal en zagen een nerveuze zoon. Normaal zo zelfverzekerd en ontspannen, nu een strakke trek om de mond. Begrijpelijk, want het was een hele toer geweest om dat werkstuk klaar te krijgen.  Volgens de moeder van de vriend bij wie ze ’s middags nog geoefend hadden, was de pizza onaangeroerd gebleven en was de kamer bezaaid geweest met boeken en blaadjes.
‘Gezondheidsmanagement en de invloed daarvan voor bedrijven en werknemers’. We luisterden aandachtig en hoorden de docenten achter ons fluisteren. Lang verhaal kort: hij kreeg een tien. Een TIEN! Nou, dat vond ik zo gaaf dat ik dat hier even kwijt moest. En het compenseerde ook zo lekker de dag.

Reacties (10)

Vandaag kreeg ik een mail toegestuurd van iemand die iets onder mijn aandacht wilde brengen. Ze moest aan mij denken toen zij de oproep had gezien. Afgelopen zondag, terwijl zij en ik en nog een paar, op een zonovergoten terras aan het genieten waren van een high tea, spraken we over werk. Vrouwen (en dan bedoel ik moeders) en werk, het is toch vaak een spagaat waarin je alle bordjes draaiende probeert te houden. Je wilt jezelf ontwikkelen, zonder daarbij je gezin te kort te doen, er willen zijn wanneer de kinderen uit school komen of wanneer ze vakantie hebben.

‘Jij hebt echt de ideale baan’ zei er eentje uit het gezelschap, wijzend op mij. ‘Je hoeft maar 5 minuten te fietsen, je hebt 12 weken per jaar vakantie en je bent iedere middag thuis’ vatte ze mijn baan kort samen. Ik keek een beetje beduusd. De inhoud van mijn werk kwam in de opsomming niet voor. Ik ga met plezier naar mijn werk, ik heb me nog nooit ziek gemeld en ik vind natuurlijk de genoemde voordelen ook heel fijn. Daarover geen twijfel. Maar soms wil ik gewoon wat meer van mezelf kwijt kunnen. Ik wil kunnen communiceren met mensen, niet via voorgekauwde formuliertjes, maar gewoon een gesprek. Ik zou zo graag wat creatiever kunnen zijn, mijn schrijven wat meer gebruiken in mijn werk. Mijn communicatieve vaardigheden inzetten, zeg maar. Ik schroom niet om hier hardop te zeggen dat ik die heb.

Binnenkort ga ik al die dingen doen! Ik ga scholen en bedrijven bezoeken, verenigingen aanschrijven, presentaties geven, mensen enthousiasmeren.
‘Heb je daar dan wel tijd voor, schat?’ vroeg mijn lief. ‘Hoe wil je dat gaan doen? Je komt nu al vaak tijd te kort’. Hij heeft natuurlijk gelijk. Maar ik ga zorgen dat ik tijd heb om dit te doen. Het is wat ik wil, waar ik energie van krijg.
Ik solliciteerde en kreeg de volgende dag een mail terug. Ik wordt uitgenodigd voor de trainingen in september! Ik ga onderdeel uitmaken van het promotieteam Rode Kruis 3FM Serious Request 2012. Van september tot en met december ga ik me sterk maken om mensen in actie te laten komen. Ik krijg nu al vlinders in mijn buik als ik denk aan mooie acties, waarbij mensen met elkaar ervoor zorgen dat er veel geld wordt opgehaald voor mensen die het zoveel minder hebben.

Dan sta ik maar een keertje niet langs de voetballijn, als ik een presentatie moet voorbereiden op zaterdag. Mijn zonen zullen het maar voor één keertje moeten begrijpen dat ik een middagje weg ben om een presentatie te geven. Zij hebben zo’n veilig, geborgen thuis. Zij worden geliefd door ons en kunnen altijd bij ons terecht. Zij kennen geen angst voor de dag van morgen. Duizenden andere kinderen op de wereld wel. Die gaan niet naar Spanje in de herfstvakantie op een strandbedje liggen. Ik kan de wereld niet veranderen, maar wel op mijn manier helpen. Dit is mijn manier, zo heb ik besloten.

Het gaat een prachtig mooi event worden, het Glazen Huis in Enschede! Dat ik daaraan mee mag helpen, dat vind ik dus helemaal geweldig. Ik hoop dat ik op mijn lezers mag rekenen, wanneer ik jullie benader komend najaar.



 

Lees meer...   (19 reacties)
Er is een samenzwering gaande. Kan niet anders! Hoe is het in hemelsnaam mogelijk dat diverse mensen zich aanbieden op marktplaats als schoonmaakhulp, ik die heel vriendelijk benader en dat dan vervolgens niemand iets van zich laat horen? Terwijl ik niet eens had vermeld dat de kamer van oudste een teringbende is?
Hoe kan het dat mijn briefje in de supermarkt met een aardig oproepje voor een fijne poetshulp de volgende dag verdwenen is?
Waarom ging mijn supergoede, lieve hulp zomaar dood?

Enfin hebt u of bent u:

Affiniteit met stofdoeken en dweilen
Ervaring met toiletreiniger en bleekmiddel
Interesse in het onderhouden van luxaflex en radiatoren
Talent voor het laten glanzen en glimmen der dingen
Rookt/drinkt/steelt u niet
Verslaafd aan glassex
Niet al te aantrekkelijk (i.v.m. soms thuiswerkende echtgenoot)
Kost u geen godsvermogen
Nooit of te nimmer ziek, zwak of misselijk

Neemt u dan als de wiedeweerga contact met mij op. Ik beloof u dat een assessment geen onderdeel van de sollicitatieprocedure zal uitmaken.
Tot de arbeidsvoorwaarden behoren splinternieuwe emmertjes, doekjes, de beste spray’tjes en al wat u maar nodig heeft.

Lees meer...   (8 reacties)
‘Er komt een bijzondere man naar Hengelo’. Zo luidde de eerste zin van een mail die ik gisteren ontving. Die bijzondere man is niet Sinterklaas, maar Toshiro Kanamori. Een Japanse onderwijzer, die bekend is geworden vanwege zijn rol in de documentaire Children Full of Life. Een film die alleen op YouTube al bijna een miljoen keer bekeken.

De film Children Full of Life schetst een portret van de eigengereide onderwijzer Kanamori en zijn klas, vergelijkbaar met onze groep 7. Kanamori geeft les op een lagere school in Kanazawa, ten noordwesten van Tokio. Hij houdt er een bijzondere visie op onderwijs op na. Hij wil dat zijn leerlingen gelukkig zijn, en dat worden ze volgens hem door naar elkaar te luisteren en voor elkaar te zorgen.

Kanamori bereidt zijn leerlingen voor op het ‘echte leven’ door ze de waarde van verbinding, wederzijds respect, vriendschap en zelfreflectie bij te brengen. Hij leert ze naar zichzelf te kijken en van daaruit de wereld tegemoet te treden.

Een van de middelen die hij gebruikt is de notebook letter. Elke dag lezen drie leerlingen een brief voor waarin ze vertellen wat hen daadwerkelijk bezighoudt. Niets hoeven ze onbesproken te laten, ook hun grootste persoonlijke problemen niet. Júíst hun grootste persoonlijke problemen niet. Kanamori moedigt de kinderen aan hun emoties te laten zien en te delen. Zo zien we in de documentaire hoe een jongetje zijn brief voorleest, over zijn oma die zojuist is overleden. Zijn verhaal maakt veel los in de klas, ook andere kinderen herinneren zich de dood van een grootouder. Eén meisje, Mifuyu, barst in hartverscheurend snikken uit. De brief van haar klasgenoot doet haar denken aan de dood van haar vader, toen ze drie was. Ze heeft er nooit in de klas over willen vertellen, zegt ze, uit angst om anders dan de rest te zijn.

In plaats van de gemoederen te sussen, laat Kanamori het verdriet er helemaal zijn. Hij geeft bewust ruimte aan het probleem en vanuit daar ontstaat een grote kracht. De leerlingen praten en huilen met elkaar, ze troosten elkaar en voelen zich verbonden. En door haar ‘anders zijn’ met iedereen te delen, voelt Mifuyu zich meer één met de klas dan ooit.



Kanamori aan het woord: ‘Luister naar de stem van de kinderen! Heel belangrijk. Maar nog belangrijker: luister naar de geluidloze stem. Hoor de onuitgesproken woorden. Naar de woorden zonder stem. Luister door te kijken naar hoe een kind zich gedraagt!’

Toshiro Kanamori is een fenomeen, zeker toen een kleine negen jaar terug de DVD verscheen over het werk van deze bijzondere leraar, een beeldverslag van de dagelijkse praktijk met zijn leerlingen in het Japanse Kanazawa. Mr. Kanamori blijkt een inspirerende, authentieke leerkracht die tegen de conservatieve Japanse stroom in verbondenheid creëert met zijn leerlingen.

Intrigerend vind ik het. Ik heb dan ook meteen een kaart besteld om deze man te gaan zien en horen. Ook al ben ik geen leerkracht, ik werk wel op een school met ruim 900 kindertjes, misschien kan ik nog wat van hem leren.
Toevallig valt zijn komst naar Hengelo samen met onze eerste schooldag. We kunnen het jaar niet beter beginnen, lijkt mij.

 

Lees meer...   (9 reacties)
Laatst kreeg ik een mail van J, de vrouw van de voorzitter van mijn tennisclub. Nou, dan ben ik natuurlijk al op mijn hoede, dat snapt u.
Ze vroeg heel vriendelijk of ik een keertje wilde helpen om het clubhuis schoon te maken. Want als iedereen zijn/haar steentje bijdraagt… enfin u het begrijpt het.

Nu ben ik eigenlijk van mening dat iedereen moet doen waar hij of zij goed in is. Eigenlijk zou ik dus gewoon terug hebben kunnen mailen dat ik de áller lekkerste hapjes kan maken. Hapjes die het ledenbestand van Tie Break zullen doen groeien. Hapjes waarbij de leden niet meer van het terras afkomen, er zelfs nog maar een drankje bij bestellen. Hapjes waarvan de baromzet fenomenaal gaat stijgen. Hapjes.. sorry, ik draaf door. Zo bijzonder zijn mijn hapjes eigenlijk helemaal niet. Maar het leek me wel een mooi excuus om vooral geen schoonmaakwerk te hoeven doen.

Natuurlijk zit niemand erop te wachten om toiletten, waar de halve club op heeft gezeten of boven gehangen, schoon te maken. Dweilen, stofzuigen en tegeltjes laten glimmen, het is niet bepaald mijn hobby. Eerlijk is eerlijk. Haren uit putjes pluizen en ketchuprestjes van de vloer schrapen. Maar hé, ik deed het samen met een tennismaatje en toen was het ineens niet meer zo erg.

Op woensdagmiddag vlogen wij met doekjes, emmers, dweilen en lekker geurende spraytjes door het clubhuis. Wij waren net een soort Marja en Liny, u weet wel, die dames van ‘Hoe schoon is jouw huis’. We poetsten ons een lens en hadden nauwelijks in de gaten dat ineens A in da house was. A is ook al zo’n vrijwilliger die van alles en nog wat doet. We kletsten even gezellig en namen er een kopje koffie bij. Uit betrouwbare bron heb ik vernomen dat dit toegestaan is tijdens je schoonmaakdienst. Daarna ging ik weer zingend met de Dyson achter me aan door het gebouw. In de herenkleedkamer stond nog wat showergel en een grote fles babyshampoo. Ik zit me nu de hele middag al af te vragen van wie die nou toch zal zijn?!



Ik was wel zo slim om mijn poetsbeurt op woensdagmiddag te plannen. Woensdagavond begint namelijk het Zomer Gezelligheidstoernooi en daar doe ik uiteraard aan mee. Wat is er nou fijner dan de frisse geur op te snuiven die je zelf hebt veroorzaakt? Ik heb me even terug getrokken om te genieten van al die blinkende tegeltjes en spiegels. Het zou toch eeuwig zonde zijn om dat niet te doen.

Mensen; moraal van dit verhaal: het is helemaal niet erg om een keertje vrijwilliger te zijn. Doet u weleens vrijwilligerswerk?


Lees meer...   (10 reacties)
Van de week speelde ik mee in het Zomer Gezelligheidstoernooi van mijn tennisclub. Wij zouden dames dubbel spelen en onze wedstrijd stond gepland voor 21:00 uur. Ik haalde tennismaatjes E en N op en gezamenlijk fietsten we richting tennisbaan. Er stond een straffe, koude wind.
Over mijn trainingspak droeg ik een dun windjack. Altijd handig voor als het ineens gaat stortregenen.

We zetten onze fietsen in het fietsenrek en liepen druk kletsend richting clubhuis. Ik bekeek mijn handen. Zeven van de tien vingers waren akelig wit. Ik heb namelijk last van het fenomeen van Raynaud. Dat is een chique naam voor het hebben van dode vingers.

Dit wordt veroorzaakt doordat er naar de bloedvaten in de vingers, tijdelijk geen of minder bloed stroomt, maar dat lijkt me logisch. Dit is totaal niet ernstig, maar soms wel vervelend. Het voelt niet echt lekker, dode vingers. Het staat ook een beetje apart.

Een paar jaar geleden vond ik tijdens een vakantie in Frankrijk, dunne zwarte handschoentjes met ‘grip’ aan de binnenzijde. Geen idee eigenlijk voor welke sport ze bedoeld waren, ik vond ze namelijk bij de mega sportzaak Decathlon. Die handschoentjes bleken een perfecte aankoop. Ik doe ze aan bij het tennissen en zo heb ik veel minder last van die rare dode vingers, door een betere grip op het racket.



Zo ook gisterenavond. Pas na een half uur spelen kleurden mijn vingers weer normaal en voelde ik het leven weer terugkomen. Zonder de handschoenen had dat veel en veel langer geduurd. Na een uur spelen incasseerden D en ik ons verlies en liepen richting kantine. Ik was nog niet binnen of kreeg van alle kerels commentaar. ‘Haha, wat trek jij eigenlijk in de winter aan?’ en ‘Zo, zijn de handjes warm?’ en meer van die soort opmerkingen. Toen iemand met een grijns zei dat ik niet goed wijs was om handschoenen in mei te dragen, antwoordde ik dat me dat geen ene moer kan schelen.

Want ik ben allang blij dat de rest van mij blijft leven als mijn vingertjes wit zijn!

 

Lees meer...   (10 reacties)
Eigenlijk is het best vreemd; ik heb in mijn leven slechts één keer gesolliciteerd. Toch heb ik al diverse banen gehad. Het ging altijd een beetje vanzelf. Mazzelaar dat ik ben. Toen ik een passende vacature had gezien, ergens in de vorige eeuw, schreef ik een briefje en werd ik naar aanleiding daarvan, uitgenodigd voor een gesprek. Ik was nog maar amper weer thuis of de telefoon ging; of ik de volgende dag voor het tweede gesprek wilde komen. ‘Kind, je wordt vast aangenomen op dat kantoor’ sprak mijn moeder. Inderdaad, een week later had ik mijn eerste baan. Later bleek ik daar als bonus ook nog een echtgenoot aan over te houden!

En zo ging het ook zo ongeveer met mijn tweede, derde, vierde, vijfde en zesde baan (maar dan zonder die bonus). Nou ja, die vijfde heb ik natuurlijk zelf gecreëerd en mezelf ook weer ontslagen na een aantal jaren.

Deze week attendeerde iemand mij op een vacature die ze had gespot op het internet. Oh, dat zalige internet! Alles, álles kun je er op vinden!
Ze mailde me dat het echt wat voor mij was en dat ik maar even moest kijken. Klikkerdeklik deed ik op het linkje en ik zag inderdaad een leuke website met daarop meerdere interessante vacatures. Godzijdank geen fulltime vacatures want ik heb natuurlijk al een baan. Ik typte een mailtje in foutloos Nederlands (één van de voorwaarden) en update nog even mijn cv.

Er stond eigenlijk helemaal niet bij of het freelance werk is, of om hoeveel uren het ging. Maar ach, knies(d)oor die daarop let. ’s Avonds vertelde ik enthousiast aan mijn lief dat ik had gesolliciteerd. ‘Waar denk je de tijd vandaan te halen?’ vroeg hij lachend. Ja, dat was wel een puntje natuurlijk. Maar aangezien de dingen best vaak vanzelf goed komen, ga ik ervan uit dat het met dit ook het geval zal zijn. En ik moet toch wat met al mijn energie.

Nu las ik bij haar, dat zij ook heeft gesolliciteerd. Terwijl ze al een baan heeft en eigenlijk geen tijd heeft. Ben benieuwd wie van ons het gaat worden. Of allebei, want ik weet niet eens of het wel om dezelfde vacature ging. Haha!

Nou, en omdat ik natuurlijk wel een beetje uitgerust moet zijn voor bovenstaande, ga ik nu even een weekje naar Andalusië. Lekker Spaans oefenen en tapas eten.

 

Lees meer...   (9 reacties)
Domeinregistratie en hosting via mijndomein.nl